De Motorcross-geschiedenis van West-Duitsland

Decrease Font Size Increase Font Size Taille du texte Imprimer

Deel 3.  Een afgebroken inhaalrace. (1952-1958)

In 1952 begint Duitsland aan zijn tweede crossjaar.  Nieuwe clubs schieten uit de grond.  De ADAC in Gau Nordrhein zet een Gaumeisterschaft van vijf proeven op het getouw.  Die brengen samen 60 000 bezoekers op de been. 

In proef 4 in Neu-Bottenbroich komen er zelfs al zijspannen in het veld.  Enkele Belgen met fabrieksmachines nemen het in de 500cc op tegen John Betty and friends.  Die rijden nog met legermotoren zonder vering en hebben het dus knap lastig.  Otto Flimm wordt Gaumeister op een ariel 500cc.  Flimm wordt een boezemvriend van zijn idool Betty die hem alles heeft geleerd.  Otto heeft “Kabänes” als bijnaam.  Kabänes is de naam van het schnapsdrankje dat vader Flimm brouwde.

Otto Flimm

Stilaan beweegt er ook wat rond Ingolstadt in het zuiden van het land.  Vooral de 125 en 250cc zijn er geliefd.

In 1953 komt het tot een “inter-gau-kampioenschap” met 6 crossen.  Op de Schnarrenberg in Burgholzhof bij Stuttgart komen de Rijnlanders samen met enkele Amerikanen de nieuwelingen een lesje leren maar eer het seizoen vol is komen de Schwaben gewapend met speciaal geprepareerde Maico’s uit hun eigen Pfäffingen naar Düsseldorf en zetten hun voet naast de thuisrijders.

Het ADAC-Gau Nordrhein zelf telt 7 proeven in 125, 250, 350 en 500cc.  Aangesloten bij MSC Neu-Bottenbroich is de Belg Jean Henry.  Het is een klein, dapper kereltje maar buitengewoon sterk.  Hij wint met zijn fabrieks-Saroléa de derde proef maar in de voorlaatste race ontwricht hij zijn arm, laat de toeschouwers hem weer in de kom trekken en gaat er vervolgens weer van door.  Op het eind van het kampioenschap is opnieuw Otto Flimm aan het feest nu met een Matchless hem ter beschikking gesteld door hoofdimporteur Alan Bruce.  In de klasse tot 350cc wint Mathias Wasel.  Die is als chauffeur in dienst bij de Belgische bezettingstroepen.

In 1954 is er nog steeds geen algeheel Duits kampioenschap.  Buiten de ADAC zijn er immers nog de clubs van het DMV (het Duitse Motorsport-Verband) en die doen niet mee.  Inmiddels crossen al 6 gauen wel mee.  De eerste grote manche heeft plaats in de “Panzerkessel” van Augsburg.  Zoals de naam al doet vermoeden betreft het hier over een vroeger oefenterrein voor pantservoertuigen van de nazi’s.  Voor 30000 toeschouwers slaat de balans nu over in het voordeel van de zuiderlingen.  Voor de kleine cilinders tot 250cc zoeken de piloten hun heil in de eigen Duitse producten DKW, Puch, THK, NSU en Maico.  Voor de grote cilinders maken Matchless, BSA, BMW, DKW, Maico en Triumph de dienst uit.  Onze Jean Henry wordt 3de bij de +350cc.

Vanaf 1955 telt ADAC 8 crossen waarbij het bij de kleintjes uitgroeit tot een duel Maico-DKW.  Een opvallend getalenteerd rijder hier blijkt de 16-jarige Herbert Ott en ook Willy Oesterle doet mee.  Intussen zet ook de DMV in op motocross.  Bij hen niemand minder dan Fritz Betzlbacher.  Drie mannen die in de komende jaren in Europa nog naam zullen maken.

Door de opsplitsing in concurrerende bonden komen we terecht in bokswereldtoestanden.  Een overvloed aan titels allerhande werkt nadelig voor de sport.  Vandaar dat de OMK akkoord gaat met een eerste (West-)Deutsche Moto Cross-Meisterschaft.  Enkel Duitsers met een OMK-licentie worden toegelaten en in de 5 klassieke categorieën zijn titels te begeven.  Eindelijk klaarheid voor iedereen.  Na de onwaarschijnlijke modderpoel in Ingolstadt begin oktober gaan de titels naar Herbert Ott, Fritz Betzlbacher en Udo Radermacher, een pionier van het eerste uur.  Tweevoudig kampioen Otto Flimm heeft afgehaakt.  Alles werd te professioneel voor hem, hij reed meer voor het plezier.  Hij blijft voorzitter van zijn club in Brühl (bij Köln) en brengt het tot ADAC-voorzitter van 1989 tot 2001.

De grote verandering voor 1957 ligt in het feit dat de kleine Duitse motorbouwers het een na een moeilijk krijgen en de handdoek in de ring gooien en dat alleen Maico nog overblijft in de laagste klassen. Dit terwijl BSA en Matchless de zware 500-motoren beheersen.  De titels gaan naar Otto Walz (125 en 175), Willi Oesterle (250), Fritz Betzlbacher (350) en Udo Radermacher (+350).

In 1957 heeft Duitsland zijn enorme achterstand deels goedgemaakt, zeker in de kleine cilinders.  Dat bewijst het eerste Europees Kampioenschap 250cc, de zogenaamde FIM Beker van Europa of Zilveren Medaille 250cc.  Eindstand na 8 proeven 1. Betzlbacher 2. Oesterle 6. Rolf Müller 9. Waltz.  Maar net nu loopt het fout.

Dat na zonneschijn regen komt is ook waar.  In 1958 zit de motorenindustrie in Duitsland aan de grond en als ook Maico in de rode cijfers gaat is de pret uit.  De toprijders kopen de nog bestaande machines en onderdelen op en gaan privaat.  Het is nog een kwestie van tijd voordat de privérijders niet meer kunnen optornen tegen de Britse, Zweedse en Belgische fabrieksrijders die het laken naar zich toe trekken.  De grote MX-merken gaan voor piloten uit de traditionele MX-landen.  Succes en crisis leiden tot meningsverschillen en ruzies tussen bonden onderling en de vakpers.  Iedereen heeft commentaar op iedereen.

In 1959 krijgen Oost- en West-Duitsland ieder hun eigen GP 250cc maar het wordt nog een decennium wachten op Adolf Weil en Willi Bauer eer onze oosterburen weer meedoen voor de hoogste trapjes.

Paul Friedrichs

De motocross in Oost-Duitsland kende een andere ontstaansgeschiedenis.  De bekendste telg van achter de Elbe was zeker Paul Friedrichs, wereldkampioen 500cc in 1966, 1967 en 1968.

Het volgende clubfilmpje zette Otto Flimm op Youtube:  de Preis der Nationen gehouden op 10 mei 1956 in Brühl bij Keulen.

Wat zien we?  Wat valt op?  Veel volk, héél veel fietsen en nauwelijks omheining.

In het rennerspark:

  • Op 5min.14sec. Nr. 3 Manfred Wolter
  • Op 4.09 Nr.1 Herman Krüger en Nr. 9 Uwe Karstens
  • Op 3.51 Nr. B1 Jos Van Pee uit Leuven.  (In 1958 rijdt hij in het EK250cc een 5de plaats in Namen en in Cassel)
  • Op 4.18 Nr. B3 Marcel Meunier, bekende Belg met Gilera
  • Op 4.31 Nr. E3 Dave Curtis, latere winnaar
  • Op 4.43 Nr. 13 Mathias Wasel, chauffeur voor Belgisch leger
  • Op 6.07 Nr. 104 Herbert Ott
  • Op 7.55 Start reeks 1: Nationalen 500cc.  1. Bavo Kohler 2.Manfred Wolter 3.Willy Von Braun
  • Op 11.07 Start reeks 2: Nationalen 125cc
  • Op 13.53 Ehrung: 1. Klaus Kämper 113 vóór Herbert Ott 104
  • Op 14.38 Start reeks 3: Internationalen +350cc
  • Op 17.38 Ehrung: 1. Dave Curtis E3 vóór de Zweed Sten Hammersedt S2.  Allan Bruce Matchless-importeur met fototoestel hangt de krans om.
  • Op 17.33 Start reeks 4: Nationalen tot 350cc
  • Op 20.23 Ehrung: 1. Fritz Betzlbacher 43 vóór G. Lenz 31
  • Op 21.14 Start reeks 5: Internationalen +350cc

Winnaar Dave Curtis E3 vóór Herman Krüger 1

https://www.youtube.com/watch?v=Z1fVyG0XamA

Auteur: Jan Forier

Uw reacties